Als je gaat arrangeren voor een vocale groep ligt er een wereld voor je open. Hoe maak je keuzes uit al die mogelijkheden? Een goede startpunt is om te bedenken wat je aantrekkelijk vindt aan het stuk. Dat is dus wat je over wilt brengen met het arrangement.

Wordt je gegrepen door de tekst? Of door de harmonieën? Of door de melodie? Of intrigeren de dissonanten? Of vind je het baslijntje lekker of de groove? Of wordt je juist geraakt de leegte van het stuk? Dat wat je aantrekkelijk vind aan het stuk bepaalt je uitgangspunt bij het schrijven van je arrangement.

Een interessante tekst

Als je onder de indruk bent van de tekst van een stuk, wil je er zeker van zijn dat die tekst aankomt bij het luisteraar. Een goede keuze is dan om het hele koor de tekst homofoon te laten zingen. Homofoon wil zeggen dat alle stemmen samen de tekst zingen. De luisteraar neemt dan het geheel van de stemmen waar en niet zozeer de lijnen van de afzonderlijke stemgroepen. Hieronder staat als voorbeeld een homofoon fragment van She’s leaving home van The Beatles:

Een fraaie melodie

Stel dat je de melodie van een nummer mooi vindt en je wilt die melodie over laten komen. Zorg er dan voor dat er geen stemmen zijn die afleiden van de melodie. Schrijf de begeleidende stemmen op een niet-opdringerige klank, bijvoorbeeld op ooh of doo. In het onderstaande fragment van Yesterday van The Beatles zingt de tenor de melodie. De andere stemmen zingen rustige akkoorden:

Een goede groove

Stel dat je de groove van een liedje over wil laten komen. Dit geeft een heel ander uitgangspunt voor het arrangement. In dat geval moeten de ritmes van de verschillende stemmen precies goed zijn, en gaat het om de manier waarop de stemmen ritmisch elkaar aanvullen. Hieronder staat als voorbeeld Come together van The Beatles. De groove wordt neergezet door een zeer herkenbare tweestemmige baslijn. De toonsoort F-groot is hier gekozen om die baslijn goed uit te laten komen. De melodie wordt in kwartparallellen gezongen door de vrouwenstemmen:

Prachtige harmonieën

Het kan zijn dat je gefascineerd bent door de harmonieën van een stuk. Eén manier om de akkoorden over te laten komen is door homofoon te schrijven. Een andere manier is om de akkoorden in de begeleiding een opvallend ritme mee te geven. Als voorbeeld staat hieronder The man I love van Gershwin. De relatief eenvoudige melodie krijgt kleur door de prachtige onderliggende harmonieën. In dit arrangement worden de akkoorden door de drie onderstemmen homofoon gezongen op repeterende noten en de melodie ligt in de sopraan:

Een lekker loopje

Sommige stukken zijn opgebouwd rond een lekker loopje, ook wel lick genoemd. Als je zo’n lick als uitgangspunt voor een arrangement neemt, moet het op een prettige hoogte worden gelegd. Hieronder staat als voorbeeld Day tripper van The Beatles. Om dit pakkende loopje kracht bij te zetten zingen bas en alt het in octaven:

Sprekende eenvoud

Een heel ander uitgangspunt kan juist de eenvoud of de verstildheid van een stuk zijn. In een arrangement kan zulke ‘leegte’ worden gecreëerd door weinig volledige harmonieën te laten klinken, door weinig beweging te schrijven en door stemmen min of meer onafhankelijk van elkaar te maken. Hieronder staat als voorbeeld een fragment van Embraceable you van Gershwin waarvan juist de leegte moet gaan ontroeren. We beginnen met een enkelvoudige hoge noot in de sopraan en geleidelijk komen de andere stemmen erbij:

(Deze tekst is eerder verschenen in Zing Magazine)