Een en al oor
Vorige week is mijn nieuwe boek uitgekomen. Het heet Een en al oor, en er staan oefeningen in om de zangers in je koor of in je vocal group naar elkaar te leren luisteren. Ik heb voor dit boek (en mijn vorige boek Meerstemmig inzingen) een website gemaakt. Daar kan je veel meer informatie vinden. Ga daarvoor naar www.inzingen.nl.
Hier is een poppy inzingoefening in 6/8, die als canon gezongen kan worden:
Bij het inzingen met mijn koren gebruik ik de laatste tijd vaak arpeggio’s. Pittig om te zingen, maar heel leerzaam. Hier is een voorbeeld van zo’n arpeggio-oefening. In dit geval gaat het om een arpeggio dat eerst van onder naar boven wordt gezongen, en daarna van boven naar onder:
In eerdere berichten heb ik laten zien dat van blad zingen het beste gaat als je de noten relateert aan de toonsoort. Voordelen van die methode zijn dat je je minder snel vergist, dat je grote sprongen ook leert treffen, en dat je beter op toon blijft.
Eerder in dit blog kwam de solfège te sprake. Solfège is het vertalen van noten op papier naar klank. Ook het omgekeerde is voor een dirigent belangrijk; het analyseren van klinkende melodieën en harmonieën. Oftewel, het benoemen en uitschrijven van muziek op je gehoor.
Een goede dirigent is in staat om toonsoorten af te leiden van de stemvork. Hoe kan je dat het beste doen? Vanuit de a van de stemvork wil je het liefst zo snel mogelijk springen naar de grondtoon. Maar niet elk interval is even gemakkelijk te treffen. Een stijgende secunde of stijgende kwart is nog wel te doen. Maar een sext treffen of een tritonus, dat is andere koek.
In een eerder blogbericht kwam de solfège al ter sprake. Ik beargumenteerde daar dat van blad zingen het beste te leren is door alle noten van de toonladder cijfers te geven en door alle noten te relateren aan de grondtoon.
Voor koorzangers is het fijn om goed van blad te kunnen zingen. Veel zangers beheersen het een beetje, maar de meesten blijven steken als de sprongen in de melodie groter worden dan een terts.