Een en al oor

Vorige week is mijn nieuwe boek uitgekomen. Het heet Een en al oor, en er staan oefeningen in om de zangers in je koor of in je vocal group naar elkaar te leren luisteren. Ik heb voor dit boek (en mijn vorige boek Meerstemmig inzingen) een website gemaakt. Daar kan je veel meer informatie vinden. Ga daarvoor naar www.inzingen.nl.

Technieken voor reharmoniseren

Reharmonisatie is het veranderen van de akkoorden die oorspronkelijk bij een nummer horen. Bij reharmoniseren heb je ongelofelijk veel mogelijkheden. Als beginnend arrangeur zie je daarom misschien door de bomen het bos niet meer. Daarom staat hier een overzicht van de technieken die je kan gebruiken om nieuwe akkoorden te bedenken. De zes technieken die hier worden genoemd lopen op in complexiteit.

Reharmonisatie wordt veel toegepast in de jazz en veel minder in de popmuziek. De meeste technieken voor reharmoniseren leveren dan ook een jazzy klank.

Waarom zakt een koor

Waarom zakt een koor? Dat is een intrigerende vraag. Waarom komt het zoveel meer voor dat een koor zakt, dan dat een koor stijgt? Waarom kost het zelfs gevorderde koren zoveel moeite om op toon te blijven? Waarom kan het zo frustrerend zijn om te werken aan zuiverheid?

Dat een koor snel zakt heeft alles te maken met het feit dat zangers af en toe te laag intoneren. Een koor streeft ernaar om zuiver te zijn. Als er ergens in het koor te laag wordt geïntoneerd, zullen de andere zangers proberen de samenklanken zuiver te maken, en zullen dus ook iets te laag gaan intoneren. Dus, elke keer als er iemand te laag intoneert zal het koor als reactie daarop wat zakken.

Toonsoorten en voortekens

Om te weten welke toonsoorten bij welke voortekens horen, leren we bij de muziekles ezelsbruggetjes. Voor de toonsoorten met mollen is er ‘Friese boeren eten alle dagen gerst’ en voor de toonsoorten met kruisen is er ‘Geef de armen een bord fis’. Het nadeel van deze trucjes is dat ze werkelijk begrip van toonsoorten en voortekens tegenhouden.

Veel beter is het om de toonsoorten van elkaar af te leiden. C heeft 0 kruisen. Als je één hele toon omhoog gaat komen er twee kruisen bij. D heeft dus 2 kruisen, E heeft 4 kruisen, en Fis heeft 6 kruisen.

De moeilijkheidsgraad van arrangementen

tredenVoordat je een arrangement aanschaft, wil je weten of de moeilijkheidsgraad van het arrangement aansluit bij het niveau van je koor. Bij mijn arrangementen vermeld ik het niveau over het algemeen op een schaal van I (gemakkelijk) tot V (zeer moeilijk). Deze indeling komt overeen met die van een aantal bekende arrangeurs uit de VS.
 
Hoe zit het met deze verdeling? Hoe ziet een arrangement van niveau II er bijvoorbeeld uit, en wat moet je koor kunnen om zo’n arrangement te kunnen zingen? Laten we beginnen met de uiteinden van de schaal, dus niveau I en niveau V. Een koor van niveau I is een koor dat de eenvoudigste stukken zingt. Vierstemmig is amper haalbaar met deze zangers, twee- of driestemmig past beter bij hen.

Inzingoefening in 6/8

bluesHier is een poppy inzingoefening in 6/8, die als canon gezongen kan worden:
Het sterretje geeft aan wanneer de tweede stem in moet vallen.

Arpeggio’s zingen

bremerBij het inzingen met mijn koren gebruik ik de laatste tijd vaak arpeggio’s. Pittig om te zingen, maar heel leerzaam. Hier is een voorbeeld van zo’n arpeggio-oefening. In dit geval gaat het om een arpeggio dat eerst van onder naar boven wordt gezongen, en daarna van boven naar onder:

Volgorde bij het repeteren

sneeuwpop2Bij het repeteren heb je als dirigent veel te doen. Allereerst moet je natuurlijk van een stuk de noten repeteren, maar daarbij moet je de balans bewaken, de uitspraak mooi maken, een goede koorklank verkrijgen, voorkomen dat de zangers gaan haasten, zorgen voor een goede intonatie, en daarbovenop nog zorgen dat de zangers vanuit het hart zingen, zodat de muziek expressief wordt.

In het repeteren zit over het algemeen een logische volgorde. Je studeert eerst de noten in, als de noten redelijk zitten ga je werken aan het afstemmen van balans, klank en intonatie, en als laatste ga je bezig met expressiviteit.

De juiste maatsoort kiezen

Als je een nummer arrangeert, moet je bepalen in welke maatsoort je gaat noteren. Hoe weet je welke maatsoort de juiste is? In de jazz- en popmuziek worden lang niet zoveel verschillende maatsoorten gebruikt als in de klassieke muziek. Verreweg de meeste nummers wordt genoteerd in 4/4. En daarnaast komen nog maar een paar maatsoorten voor.

De beste methode om een maatsoort af te leiden is de volgende. Stel je voor dat je het nummer moet aftellen voor een band. Tel je bij het aftellen tot vier? Dan is bijna altijd een 4/4-maat de geschikte maatsoort. Tel je tot drie, dan kan een 3/4-maat geschikt zijn, maar in sommige gevallen is een 6/8-maat een betere keus.

Oude notatie van swing feel

In een eerder bericht kwam het begrip swing feel aan de orde. De beste manier om het te noteren is door boven de muziek de aanduiding ‘Swing feel’ te zetten en gewone achtsten te schrijven. Voordat deze manier van swing noteren in de jaren zestig gebruikelijk werd, noteerde men swing op een andere manier.

De ouderwetse manier van het swing noteren is met een gepunteerde achtste en een zestiende. In de klassieke muziek wordt dit ritme een hop-figuur genoemd: